Vegetarisch

Lekker verantwoord

Gegrilde aubergines met oosterse dressing

Eindelijk was het weer lekker warm weer, afgelopen weekend, en de barbecue kwam voor het eerst dit jaar onder zijn regenhoes vandaan. Deze keer hadden we, behalve de kipsaté van J. die nooit mag ontbreken, ook een ruim assortiment groente- en vegetarische gerechten voorbereid. De saté van tempé viel in de smaak ('Bijna net zo lekker als de kip') en deze gegrilde aubergines vonden helemaal gretig aftrek. Zeker met de dressing erbij is het een aanrader, zowel voor vegetariërs als voor vleeseters. Als er toch nog iets overblijft, niet weggooien! We zijn nu juist zo verantwoord bezig. De volgende dag zijn de plakken ook nog lekker, warm of koud, bijvoorbeeld op een boterham met hummus of zachte geitenkaas.

2 aubergines
4 à 5 eetlepels olijfolie
3 bosuitjes, in dunne ringetjes
2 tenen knoflook
1 eetlepel sesamzaad

voor de dressing:
sap van 1 limoen
3 eetlepels sojasaus (bijv Kikkoman)
1 eetlepel sesamolie
1 eetlepel gembersiroop of 1 theelepel honing
verder nodig: keukenpapier, drie snijplanken

Snijd de aubergines in de lengte in dunne plakken. Bestrooi ze aan beide kanten licht met zout en leg ze op een snijplank die is belegd met keukenpapier. Leg de helft van de plakken erop. Leg er keukenpapier bovenop, nog een snijplank en doe dan hetzelfde met de andere helft van de plakken. Zet daar iets zwaars op (ik gebruik altijd een zware stenen vijzel). Laat zo een uurtje staan.

Maak intussen vast knoflookolie: doe wat olie in een kommetje en pers daar twee tenen knoflook boven uit. Zet apart.
Maak ook alvast de dressing: klop de sesamolie, de sojasaus, het limoensap en de gembersiroop of honing door elkaar.
Voordat je gaat bakken: haal de aubergines tussen de snijplanken vandaan en veeg evt. resterend zout eraf met het keukenpapier. Smeer de plakken elk aan beide kanten in met de knoflookolie. Bak ze dan op de barbecue in ongeveer een kwartiertje gaar. Leg de gare plakken in een platte schaal, besprenkel ze met de dressing (of zet de dressing in een apart kannetje op tafel), garneer met de bosui en wat sesamzaad.

Gebaseerd op een recept uit Boodschappen, het magazine van Hoogvliet

Vegetarische schlager

Tempé in ketjap-gembermarinade

Voor wie af en toe vegetarisch wil eten en niet altijd wil grijpen naar een groenteburger of ‘stuckjes’ van het een of ander, heb ik een gouden tip: probeer eens tempé, een soort koek van gefermenteerde sojabonen. Bij de toko koop je een groot stuk, genoeg voor vier personen, voor nog geen 2 euro. Het heeft een lekkere stevige beet en met een pittige marinade is het onweerstaanbaar. Bij de toko kun je het uiteraard in bereide vorm kopen ─ zo heb ik het ook leren kennen ─ maar je kunt het ook zelf heel makkelijk klaarmaken. Eventueel kun je een deel invriezen, dan zet je met wat rijst of mie en (geroerbakte) groenten snel een maaltijd op tafel.

Voor 4 personen:

Een blok tempé van 400 gram
zonnebloemolie

2 tenen knoflook, geperst
2 cm verse gember, geraspt
10 eetlepels zoete ketjap
een theelepel sambal
2 eetlepels bruine basterdsuiker

Snijd de tempé in plakken van ongeveer een halve centimeter dik. Doe wat zonnebloemolie in de pan en bak de plakken (in porties) op middelhoog vuur om en om, tot ze goudbruin zijn. Schep de plakken met een schuimspaan uit de pan en houd apart.

Doe de ketjap, knoflook, gember, sambal, suiker en een scheutje water in een kom. Meng goed en doe de marinade in dezelfde pan als waar de tempé in gebakken is. Laat even op zacht vuur inkoken en voeg dan de plakken tempé aan de pan toe. Wentel deze door de marinade, zodat alle plakken ermee bedekt zijn.

Verdeel de tempé over de borden en schenk de achtergebleven marinade eroverheen. Serveer met rijst of mie en bijvoorbeeld geroerbakte groenten.