Salades

Koud gerecht voor een warme winter

Couscoussalade met bietjes, feta en walnoten

In het noorden van het land glijdt en glibbert iedereen over beijzelde straten, al of niet op de schaats, maar hier in het westen doet de winter niet eens een póging. De regen druilt neer bij een laffe temperatuur van rond de 10 graden. Mijn dochter komt uit school - de kerstvakantie zit er net één dag op - en beklaagt zich dat wij niet in Drenthe of Groningen wonen, waar iedereen lekker ijsvrij heeft.
Gisteren was nog de koudste dag van de week, want volgens het weerbericht zou de thermometer in elk geval ’s nachts even de 0 graden aantikken. Waarmee de winter dan voorlopig weer voorbij is, meldde de weerman monter.  Dus greep ik nog snel even de kans om hutspot op tafel te zetten, voor nog een béétje wintergevoel.
Maar vandaag is de noodzaak om je te warmen aan een bord warme winterkost alweer verdwenen. We kunnen net zo goed koud eten. Dat komt goed uit, want ik heb nog gedopte walnoten liggen, die met de feestdagen zijn overgebleven. Die moeten ook nog een keer op (goed voornemen 1) en niet in taart of muffins, want het is nu even klaar met de overdaad (goed voornemen 2). Ze gaan in een gezonde salade met bietjes, couscous en feta. Dit is eigenlijk het hele jaar door een ideaal gerecht voor een gezin met verschillende werk-, school- en sporttijden: het is makkelijk van tevoren klaar te maken en hoeft dus niet eens opgewarmd te worden. Wat overblijft, gaat een dag later wel op bij de lunch, nog een voordeel. Restjes invriezen (goed voornemen 3)  is bij zo’n salade immers geen optie. En in onze vriezer is sowieso even geen plek: die zit bomvol, onder meer met erwtensoep, die geduldig wacht tot de temperatuur buiten weer daalt. Ik hoop toch echt dat dat deze winter nog gaat gebeuren, want dan kom ik eindelijk eens toe aan voornemen 4: de vriezer ontdooien.

200 g couscous
sap van 1 citroen
olijfolie
ca. 75 g walnoten
 blaadjes van 1 bosje munt
500 g gekookte rode biet
100-150 g feta

Maak de couscous klaar volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking. Laat wat afkoelen. Rooster de walnoten in een droge koekenpan, net zo lang tot ze lekker gaan ruiken. (Echt doen! Ik dacht dus ook dat dat culi-flauwekul  was, maar sinds ik het voor de grap één keer heb geprobeerd, ben ik om). Laat de noten ook even afkoelen, snijd intussen de bietjes in kleine blokjes en hak de munt fijn (houd eventueel nog wat blaadjes achter om te garneren). Maak een dressing van het citroensap met wat olijfolie en peper en zout. Hak de afgekoelde walnoten grof en meng ze samen met de dressing, de munt en de rode biet door de couscous. Verdeel de salade over de borden en verkruimel de feta eroverheen. Garneer eventueel nog met blaadjes munt.

Met de bak op schoot

Salade van pompoen en kikkererwten met tahin

Het recept voor deze salade kreeg ik van mijn collega Koert, die hem had gemaakt voor het vrijdagavondbuffet. Nadat ik al twee keer had opgeschept en Koert had laten weten dat ik het heerlijk vond, moedigde hij me aan het restant dan ook maar op te eten, zodat hij straks met lege Tupperware-dozen de trein in kon. Hij schonk er alvast een flinke scheut tahin-saus voor me bij. Zo bevond ik me dus met een bovenmaatse plastic bak op schoot achter mijn bureau, die ik tot de laatste kikkererwt en het laatste likje saus leegschraapte. Normaal gesproken is dat iets wat ik alleen thuis doe, maar hiervoor maakte ik graag een uitzondering.
Een paar dagen later kreeg ik een kopietje van het recept, dat bleek te komen uit het boek Casa Moro van Sam(antha) & Sam(uel) Clark. Er was van alles bij geschreven, zoals enkele praktische aanwijzingen: 'Wel op tijd beginnen/kost tijd' en een minirecensie: 'Erg lekker, zoetzuur, zout, smaakvol. Koud ook heerlijk. Ook goed idee voor trakteren op de krant.' Waarvan akte! Aantekeningen maken in kookboeken is natuurlijk heel slim om te doen, ik doe het zelf ook vaak. Vooral als blijkt dat je het recept toch liever maakt met aangepaste hoeveelheden, of dat de oventemperaturen of -tijden net iets anders uitpakken. Geen enkele oven is immers hetzelfde. In dit geval zou ik erbij vermelden dat ik de pompoen (in mijn oven) zeker niet langer dan 15 minuten moet grillen, want deze eerste keer waren de stukjes eigenlijk iets te zacht geworden.
De pompoenen had ik overigens van mijn collega Jeroen gekregen, die er zo veel in zijn tuin heeft dat hij van gekkigheid niet meer weet wat hij ermee moet doen. Voor hem alle andere hobbytuinders met een pompoenenoverschot is dit recept dus ook een aanrader.

voor de salade:
1kg pompoen (750 g schoongemaakt gewicht), geschild, zonder pitten en in blokjes van 3 cm
1 teentje knoflook, uitgeperst
1 theelepel gemalen piment
2 eetlepels olijfolie
250 gr kikkererwten, zelf gekookt of uit blik (neem dan een blik van 400 g), uitgelekt
halve kleine rode ui, fijngesnipperd
4 eetlepels grofgehakte verse koriander
zeezout en zwarte peper

voor de tahinsaus:
1 teentje knoflook, met zeezout tot pasta gewreven
3,5 eetlepel citroensap
3 eetlepels tahin (sesampasta)
2 eetlepels water (naar smaak, uitproberen)
2 eetlepels lekkere extra vergine olijfolie

Verwarm de oven voor op 220 gr. Meng de pompoenstukjes met de knoflook , piment, olijfolie en wat zout en peper. Spreid ze uit op een bakplaat en zet die 15 tot 25 minuten in de oven tot de pompoen gaar is, maar nog wel stevig. Begin op tijd te controleren! Laat even afkoelen.

Maak intussen de tahinsaus. Meng de uitgeperste knoflook met het citroensap en roer de tahin erdoor. Verdun de saus met het water en de olijfolie en meng er zout en peper naar smaak door. Je moet de juiste balans vinden tussen de nootachtige tahin en het zure citroensap.
Doe voor de salade de pompoen in een mengkom met de kikkererwten, rode ui en koriander. Breng op smaak met zout en peper. De salade is zowel warm als koud lekker. Serveer de saus er apart bij.

Geen aanstelleritis

Makreelsalade

Onder in het visschap in de supermarkt liggen ze: de gerookte makrelen. Dus niet de filets, schoongemaakt en wel in een steriel plastic bakje, al dan niet versierd met peperkorrels. Nee, de hele vis, van kop tot staart, vacuüm getrokken in plastic. Ze kosten maar een paar euro per stuk. Je moet dan wel zelf aan de slag om de staart, de kop, het vel en de graten te verwijderen. Ik moet heel eerlijk zeggen dat de keren dat wij tot nu toe thuis makreel hebben gegeten, J. dit klusje altijd onvervaard ter hand nam. Nu liggen ze, twee stuks, op mij te wachten in de groentela van de koelkast. Hoppekee, geen aanstelleritis. Eerst maar eens de kop eraf snijden, want het beestje blijft je aankijken, van welke kant je het ook benadert, als ware het Het Meisje met de Parel. Krak, zegt de graat onder mijn mes. Ik moet even aan een aflevering van Boer zoekt Vrouw denken, waar boerin Aletta op Bonaire eigenhandig een haan de nek omdraaide. De aanwezige mannen moesten daarna, bevangen door de emotie, even gaan liggen. Zo stoer als Aletta ben ik absoluut niet, maar nu ik eenmaal met de makrelen bezig ben, blijkt het ontleden eigenlijk best een leuk klusje, waarbij je al doende de anatomie van de vis kunt bestuderen en bewonderen. Weet wat je eet! Wel meteen alle visafval buiten in de groene bak gooien, want hoewel het rottingsproces ongetwijfeld ook interessant is, gaat dit gepaard met een vreselijke stank.
Alle voorbereidingen zijn dubbel en dwars de moeite waard. Na gedane zaken heb je een bord vol vette, fluweelzachte en gezonde vis. Deze is heerlijk zonder meer, gewoon op een broodje, met wat peper en zout. Je kunt de vis ook verwerken in onderstaande salade, heerlijk voor een buffet of als zomerse maaltijd.

750 gr vastkokende aardappelen
3 tot 4 eetlepels halfvolle mayonaise
1 eetlepel azijn
peper, zout
2 fijngesneden sjalotjes
3 lente-uitjes in ringetjes
2 eetlepels fijngesneden peterselie
1 à 2 eetlepels kappertjes
3 à 4 zoetzure augurken of ongeveer 10 kleine augurkjes (cornichons), in plakjes

Schil de aardappelen en snijd ze in dobbelsteentjes. Kook ze net gaar in water met zout en laat afkoelen op een platte schaal. Maak de makreel schoon en pluk de vis in grove stukken. Vermeng de mayonaise en de azijn. Roer dan peterselie, sjalotjes, kappertjes en wat peper en zout erdoor. Verdeel de plakjes augurk en de helft van de lente-uiringetjes over de aardappels en meng vervolgens de saus erdoorheen. Voeg als laatste de makreel toe, schep voorzichtig om. Maak evt. verder op smaak met zout en versgmalen peper en garneer met lente-ui.

Het Rambol-notenkaasgevoel

Pastasalade met brie en walnoten

Het is overduidelijk herfst: buiten valt de ene stortbui na de andere en binnen regent het walnoten. Het vrijdagavondbuffet op de redactie bevat - behalve andere herfsthits als pompoenen en paddenstoelen, maar liefst drie gerechten met walnoten: er is een quiche, een salade met rodekool en rozijnen en ik draag zelf mijn steentje bij met een pastasalade met brie, radijs en walnoten. Toevallig had ik weer een nieuwe lading meegekregen van mijn moeder, die ze weer had gekregen van mijn neef. Eetbare cadeautjes meenemen uit eigen tuin, erf of akker is een goed gebruik in onze familie, die aan beide kanten agrarische wortels heeft. De ouders van de betreffende neef, pionierende boeren in de Flevopolder, kwamen bij mij ooit op kraamvisite met een half mud zelf gerooide aardappelen. Maar blijkbaar zijn inmiddels de notenbomen er ook al tot wasdom gekomen.
Verse noten betekent zelf kraken, wat overigens een lekker klusje is als de novemberregen tegen de ruiten slaat. Ik had nog even gedacht aan een walnoottaart, maar dat idee had ik toch maar laten varen, in verband met de grilligheid van het aanbod van de hapjesavond: de ene keer staat de tafel vol hartige taarten, salades en stokbrood, de andere keer blijft de aanlevering beperkt tot een stukje chorizo, een bakje M&M’s en een zak griotten. Dat is natuurlijk ook wel weer de charme van het geheel, maar als verder niemand iets substantieels meeneemt, moet ik mijn avondmaal met taart doen. Of naar de Hema, om zo’n in plastic verpakte maaltijdsalade te halen. Dan maak ik die liever maar zelf. Via een kleine zoektocht op internet kwam ik uit bij deze pastasalade met brie, geplaatst door Spikkertje. De krop ijsbergsla, die er eigenlijk ook nog doorheen moet, heb ik weggelaten, sorry Spikkertje. Radijsjes en veldsla voor het frisse accent, zonder al te hinderlijk gekraak, vond ik wel weer een goede vondst. En de combinatie van de zachte kaas met de noten bleek erg lekker. Een beetje het Rambol-notenkaasgevoel, maar dan pittiger. Niet echt een light-recept, maar als je het afzet tegen een dubbele portie walnoottaart en een hand griotten, heb je het natuurlijk nergens meer over.

300 gr penne
1 pakje roombrie (220 gr)
1 rode ui
1 bos radijs
ong. 75 gr gedopte walnoten
2 eetlepels azijn, 4 eetlepels mayonaise, 1 eetlepel mosterd (evt. deel van de mayo vervangen door magere kwark of yoghurt)
1 zakje veldsla

Kook de penne volgens de gebruiksaanwijzing. Giet af en spoel goed af met koud water. Snijd de brie in stukjes. Snipper de ui of snijd in dunne reepjes. Maak de radijsjes schoon en snijd ze in vieren. Hak de walnoten grof. Meng de penne, ui, veldsla, radijs, stukjes brie en walnoten, breng op smaak met zout en peper. Meng in een schaaltje azijn, mayonaise en mosterd tot een dressing en hussel deze door de pastasalade.

 

Waterig excuus

Zoetzure komkommer met pit

Daar ligt hij weer op het aanrecht: de excuuskomkommer. Op vakantie biedt hij in zijn eentje dapper weerstand aan barbecuepakketten met veel worsten en hamburgers, een enkele keer krijgt hij versterking  van een troep blozende troosttomaatjes. Thuis geeft hij groen licht voor een snel en simpel avondmaal met een hoog snack- en een laag groentegehalte. Er ligt een briefje bij voor de kinderen:  ‘Ik heb voor jullie lasagne van gisteren/gehaktballen en broodjes/diepvriespizza’s/Mora-sateetjes klaargezet, maar dan moeten jullie wel deze komkommer erbij opeten!’ ’s Avonds ligt het briefje er nog, met daarop veel gezellige hartjes en smileys en de mededeling ‘Sorry mam, we zijn de komkommer vergeten...’ Hij lag nog wel zo goed in het zicht, precies op de plek waar de kinderen na schooltijd tosti’s maken en eieren bakken om de 1,5 à 2 uur tot het avondeten te kunnen overbruggen. Nou ja, wat is een komkommer ook helemaal: een hap water met een taaie schil eromheen. Die komkommerkweker uit Boer zoekt vrouw at er wel tien per dag op, maar laten we dat maar beroepsdeformatie noemen. Zelf ben ik er ook niet echt gek op. Ik neem de ‘vergeten’ komkommer uiteindelijk meestal maar mee naar mijn werk, in schijfjes in een plastic bakje, maar begin er dan ook pas aan als ik echt helemaal niks anders meer kan vinden om op te kauwen. Dan maar eens een nieuwe truc uitproberen: komkommerslierten in een dressing van azijn, ketjap, suiker en een rood pepertje.  Een aanrader. Vooral lekker bij een restje nasi, de variant die mijn kinderen het allerlekkerst vinden: in olie met knoflook en ui gebakken rijst, met alleen flintertjes ham en ei erdoorheen. Met een Mora-sateetje.

1 komkommer
2 eetlepels azijn
2 eetlepels sojasaus, die zoute, bijvoorbeeld van Kikkoman 
1 theelepel bruine basterdsuiker
1 klein rood pepertje (rawit)

Was de komkommer en snijd er met de kaasschaaf slierten van. Gooi de eerste sliert (schil) weg, schaaf dan in een vierkant om de waterige zaadlijst heen en gooi dat middendeel uiteindelijk ook weg. Opeten kan ook natuurlijk. Doe de slierten in een kom, samen met de azijn, ketjap en suiker. Snijd het pepertje zeer fijn en doe dat er ook bij. Als je niet van pittig houdt, kun je het pepertje ook weglaten. Meng alles goed door en laat ten minste een half uur intrekken, in de koelkast.  

 

Dankbaar werk

Hummus

J. en ik houden allebei van koken en zeker na samenvoeging van ons beider huisraad, een aantal jaren geleden, beschikten we over een enorm arsenaal aan keukenapparatuur, zelfs na een uitverkoop tegen bodemprijzen op de vrijmarkt.  Ik noem:  een duizenddelige keukenmachine, pastamachine, aspergepan, paellapan, bakringen, een uit de jaren ’70 overgeschoten römertopf (!) stoommandjes, amuselepels, madeleinevormen, een braadspit voor in de oven…bent u daar nog? En dan noem ik nog niet eens de spullen die ik wel écht vaak gebruik, zoals mijn pureeknijper, een soort groot uitgevallen knoflookpers waarmee je perfecte aardappelpuree maakt, en mijn slacentrifuge. Daarom zijn we vrij terughoudend bij het aanschaffen van nieuwe spullen, want: waar moet je het allemaal laten? Dat geldt eigenlijk meer voor mij, want voor J. is het glas altijd halfvol en in zijn ogen zijn de keukenkastjes na een beetje pas- en meetwerk dus altijd nog halfleeg. Dankzij hem beschikken wij dus sinds enige tijd ook over een kek, rank staafmixertje met twee mengkommen en een garde erbij. Ideaal voor het pureren van bijvoorbeeld soepen, maar ook om bijvoorbeeld hummus mee te maken, puree van kikkererwten. Een fluitje van een cent en bovendien een leuke en dankbare klus. Het kan namelijk niet mislukken en het wordt veel lekkerder dan hummus uit zo’n plastic bakje uit de supermarkt. Je vult de mengbeker met alle ingrediënten, klikt de staafmixer erop en laat het draaiende mes zijn werk doen tot er een dikke, smeuïge, massa is ontstaan. Dan is het een kwestie van proeven en naar smaak nog wat toevoegen van het een of ander tot het lekker is.  
Hummus vind ik zelf het allerlekkerst op een stukje vers Turks brood, maar je kunt het ook op een boterham doen, met bijvoorbeeld een beetje rucola erbij. Komt die slacentrifuge ook weer van pas.

265 gr kikkererwten, uit blik
3 eetlepels tahin (sesampasta)
ong. 1 deciliter olijfolie
3 teentjes knoflook
sap van 1,5 citroen
1 theelepel gemalen komijnzaad
2 eetlepels gehakte koriander
mespunt cayennepeper
zout

Laat de kikkererwten uitlekken en vang het vocht op. Doe de kikkererwten in de blender of kom van de staafmixer, voeg de tahin, de knoflookteentjes, het citroensap, de olijfolie en de komijn toe. Pureer alles. Voeg wat kookvocht toe, tot een glad en smeuïg mengsel ontstaat. Breng op smaak met zout en cayennepeper. Voeg naar smaak nog extra citroensap toe, of tahin. Roer tot slot de gehakte koriander erdoor en garneer eventueel nog met wat koriander.

Bron: mijnreceptenboek.nl

 

Eindelijk zwart op wit

Bulghursalade

Het recept voor deze bulghursalade kreeg ik van mijn collega Nevin, die ooit het initiatief nam voor ons vrijdagavondbuffet. Ze maakte het gerecht al menig keer voor ons en het was altijd een van mijn favorieten. Het is geïnspireerd op een salade die ze ooit zelf at in een restaurant, vertelde ze erbij. Maanden later kwam ze op het idee om met de bulghur die ze toevallig in huis had, iets soortgelijks te maken, maar dan een wat meer hartige variant. Waar de oorspronkelijke versie onder meer noten bevatte, gebruikte zij de olijven en pittige pepers die ze toevallig in huis had. ,,En verder van alles wat ik nog in de voorraadkast en de koelkast had staan.’’ Nog steeds varieert ze, voornamelijk met de hoeveelheden, op deze praktische manier. Kijk, daar hou ik nou van. Zulke recepten zijn echter nog niet zo eenvoudig uit te schrijven. Niet verwonderlijk dat ze me nog een aanvulling stuurde. ‘Heel stom van me, maar ik ben de koriander vergeten! Een grote bos, fijngesneden, moet er nog in!’ Maar nu staat het dan toch zwart op wit en kan ik er mijn voordeel mee doen. En iedereen die dit leest natuurlijk. Het is geen moeilijk recept om te maken, maar je bent meer tijd kwijt dan je denkt met het fijnsnijden van alle groenten. Maar goed, dat is ook wel weer een rustgevend klusje, vind ik zelf altijd, en het is de moeite waard. 

Bulghur is een graanproduct, gemaakt van tarwekorrels. Deze worden eerst gestoomd,  daarna gedroogd en vervolgens grof gemalen of gebroken. In mijn supermarkt is alleen bulghur verkrijgbaar van het merk Baktat, in doosjes met daarin twee plastic zakjes van 125 gram, die je in zijn geheel  in kokend water legt. Dus ik gebruikte 250 gram in plaats van 300. Maakt allemaal niet uit! Nevin heeft de salade bij ons buffet gisteravond meteen ‘gekeurd’ en goed bevonden. Zelf doet ze, als er verder niemand mee-eet, er nog meer citroensap bij, maar zij is nu eenmaal gek op citroen, tekende ze daarbij aan. Gewoon uitproberen dus.

 

Voor een grote schaal voor buffet of picknick:

300 g bulghur
4 el olijfolie
1 citroen
250 g smaakvolle olijven (kalamati bijvoorbeeld)
100 g ingemaakte pepers
1 rode ui
3 lente-uitjes
1 komkommer
Bakje tomaten (liefst kleine romaatjes)
200 g feta
grote bos koriander
 

Doe de bulghur in een schaal en gooi er kokend water op. Het moet net onderstaan, er niet in zwemmen.  Of, als je ook de zakjes hebt: leg deze 7 minuten in kokend water (zie hiervoor de aanwijzingen op de verpakking).

Snij de ui, lente-ui, komkommer, olijven, pepers en tomaten in kleine blokjes of schijfjes. Snij de koriander fijn. Roer de bulghur, als al het water is opgenomen, door. Doe er de olijfolie bij, de koriander en de fijngesneden groente en olijven. 

Boen de citroen schoon en rasp de schil, pers de vrucht daarna uit. Voeg  het sap en de geraspte schil toe en roer goed door.

Verkruimel de feta eroverheen.

 

In een vloek en een zucht

Wortelsalade met dragon

Een van de fijnste dingen van een gewone schoolweek is dat je naar believen met een kop koffie een halfuurtje in je eentje naar Tel Sell kunt gaan zitten kijken. Die liefhebberij heb ik overgehouden uit de tijd dat ik ’s nachts rond half twee thuiskwam na mijn avonddienst, toen er nog geen Uitzending Gemist was. Dan kwam er vaak een Japans kussen langs, dat geen krimp gaf als je er een bowlingbal op liet vallen en natuurlijk de diverse ab-rollers en -shapers (gebruik 3 minuten per dag zo’n apparaat, val kilo’s af en krijg weer vrienden), de Gem Magic (versier al je spijkerbroeken, kussens en badhanddoeken met glimmende steentjes), en de Magic Wand (wrijf met een elektrisch geladen plastic toverstokje over je gezicht en laat pukkels, vlekjes en rimpels verdwijnen). Maar het allerleukst zijn wat mij betreft de handige keukenhulpjes, die snijden, hakken, shaken of mixen. Die worden meestal gedemonstreerd door een door Duracell-batterijen aangedreven kok, met naast hem een secondant die het begrip ‘aangever’ een heel nieuwe dimensie geeft. Ze zijn er in diverse categorieën, van de hysterische huisvrouw (This is amazing! My kids will love it!) tot de totaal overdonderde leek, zoals die ene Duitse meneer, die van de ene verbazing in de andere valt: ‘In 2 minuten ijs maken? Das ist doch ja unmöglich!’. Maar nee hoor, daar staat het al voor zijn neus, wil hij misschien even proeven? In een mum van tijd tovert de chef al grappend en grollend met dat ene kleine wonderapparaatje de hele tafel vol met kleurrijke omeletten, salades, fruitsappen en smoothies.

Bij mij is het altijd net andersom. Als ik de keukenmachine gebruik, dien ik eerst vanuit het onderste keukenkastje mijn aanrecht helemaal vol te zetten met alle hulpstukken en die tijdens het uitroepen van vele verwensingen, die absoluut niet geschikt zijn voor uitzending, op de juiste manier in elkaar te zetten, teneinde drie winterpenen te versnipperen. Dat is inderdaad in een vloek en een zucht gebeurd. Maar dan moet de hele handel nog worden afgewassen en zó teruggezet dat de kast nog dicht kan. Maar toch doe ik het zo nu en dan, want het is de moeite waard. Je kunt natuurlijk ook een zakje wortellucifertjes uit de supermarkt halen, maar versgeraspt is veel lekkerder en sappiger. En nog een stuk of twintig keer goedkoper ook, heeft bespaardeskundige Marieke Henselmans ons nu al zo vaak voorgerekend in het AD. Met rode ui en een dragondressing maak je er een heerlijke salade van, lekker bij een gebakken visje bijvoorbeeld. Your kids will love it!

2 à 3 winterwortels
1 rode ui, gesnipperd
mayonaise
gedroogde dragon
zout en peper

Schil de winterwortels met een dunschiller of met wat voor gadget je daar ook voor hebt. Rasp ze niet te fijn in de keukenmachine. Schep 1 fijngesnipperde rode ui door de wortelsnippers. Roer 3 eetlepels mayonaise met 1 à 2 eetlepels water tot een lobbige dressing. Voeg 1 theelepel dragon en zout en peper naar smaak toe. Schep de dragondressing door de wortel en zet de salade 30 minuten koud weg.

Tip: vervang twee eetlepels mayonaise door magere yoghurt of kwark. Is net zo lekker en minder vet. Scheelt weer trainen op de ab-roller…

Vegetarisch is ook héél lekker

Kerrierijstsalade

Volgens het hollen-of-stilstaanritme van het samengestelde gezin zijn J. en ik nu weer een paar dagen met z’n tweetjes. Koken hoeft vandaag niet: J. heeft een afscheidsborrel van een collega die uit zal draaien op saté eten in de kroeg en ik vind wel wat van mijn gading in de koelkast om mee te nemen naar mijn avonddienst. Na de continuproductie van de afgelopen dagen hebben de Tupperware-bakjes zich hoog opgestapeld. Tegen middernacht steek ik de sleutel weer in het slot en J. blijkt allang thuis te zijn. Zo’n wilde avond is het uiteindelijk niet geworden en zelfs dat sateetje is er niet meer van gekomen. Dus heeft hij bij thuiskomst alsnog de Rib Runner gebeld, vertelt hij met een tevreden grijns. En - nu begint hij echt te stralen - er bleek iets fout te zijn gegaan bij het bezorgen, want bij de bestelling zat per abuis ook nog een hele portie shoarma. De spareribs liggen dus nog te wachten voor morgenavond, als ik weer naar mijn werk ben.

Mannen en geroosterd vlees, ze kunnen niet zonder elkaar! In elk geval de mannen bij mij thuis doen niets liever dan met hun tanden geblakerd vlees van botten scheuren, zoals ooit de oermens placht te doen. Ik heb mijn zoon (17) en zijn vrienden eens met een schaal van dat spul bezig gezien als een roedel uitgehongerde hyena’s met een gevelde gnoe. Even was ik bang dat ze daarna aan míj zouden beginnen, maar gelukkig leunden ze op tijd uitgeput lodderig achterover, tot de ellebogen besmeurd met vet en chilisaus.
De volgende ochtend sta ik al in de keuken te koken voor de hapjesavond, als J. beneden komt, op zoek naar laptop en sleutels. ,,Dus ik hoef niks voor je achter te laten?’’ vraag ik voor de vorm. ,,Nee hoor, wat ga je eigenlijk maken?’’,,Een vegetarische rijstsalade, kom jij even goed weg!’’ antwoord ik. ,,Nou, dat vind ik anders ook héééél lekker hoor. Heb jij trouwens nog geld in je portemonnee? Het is vrijdag hè, Turkse pizza tussen de middag…’’  
Die rijstsalade is overigens echt heel lekker en niet alleen voor vegetariërs, maar ook bij een stukje vlees, bijvoorbeeld kippenpootjes uit de oven of van de barbecue. Dan kan er ook nog lekker gekloven worden.

Buffetgerecht voor 8+ personen

3 eetl. zonnebloemolie
1 grote ui, gesnipperd
2 theelepels kerriepoeder
300 gram basmatirijst
zout en versgemalen peper
1 Spaanse peper of rawit-pepertje, zonder zaadjes, fijngehakt
blik ananasstukjes (ik heb een blik van 560 gr gebruikt, uitlekgewicht 340 gr)
50 gram rozijnen
2 eetlepels verse koriander
6 bosuitjes, in ringetjes
sap van ten minste 1 limoen
ten minste 1 eetlepel gembersiroop

Voor dit gerecht laat je de basis, de rijst, in de oven garen. Hiermee voorkom je dat de rijst op de bodem van de pan aanbrandt. Verwarm de oven voor op 150 gr. Neem een braadpan die met deksel en al in de oven kan. Verwarm hierin de olie en fruit de ui op middelhoge stand in circa 5 minuten zacht en lichtbruin. Voeg de kerrie toe en fruit nog een minuut mee. Voeg de rijst toe en giet er zo veel water bij dat de rijst net onder staat. Voeg een snufje zout toe en laat al roerend aan de kook komen. Zet de pan in de oven en laat de rijst in circa 15 minuten gaar worden. Haal uit de oven en laat nog 5 minuten nagaren in de pan met gesloten deksel. Doe de rijst over in een platte schaal en laat geheel afkoelen. Schep de Spaanse peper, ananas, rozijnen, koriander en bosuitjes erdoor en breng op smaak met limoensap en gembersiroop.

 

Dit recept komt uit het blad Boodschappen van supermarkt Hoogvliet

 

In de bonen

Kidneybonensalade met limoen en koriander

Nu alweer bijna vier jaar geleden hikte ik tegen de grote ‘FOUR-O’ aan. In plaats van naar de fles te grijpen, besloten J. en ik dit moment te benutten voor een groot tuinfeest, temeer daar we nog steeds geen housewarming in ons nieuwe huis hadden gegeven. Bovendien naderde de badkamer, die J. eigenhandig aan het betegelen was, na twee jaar eindelijk zijn voltooiing, hoera! We spraken af dat die ook op de grote dag klaar zou zijn, zodat we die door iedereen konden laten bewonderen.
We huurden statafels, een extra koelkast, een barbecue, een tap en kisten vol borden en glazen. De catering zouden we zelf wel verzorgen, gewoon een kwestie van goed plannen en voorbereiden. De gastenlijst groeide intussen gestaag: familie, nieuwe buren, oude buren, collega’s, vrienden: uiteindelijk stond de teller op ongeveer negentig mensen, die weliswaar in en uit zouden lopen, maar toch. Beter te veel dan te weinig eten inslaan, verzekerden we elkaar steeds, terwijl we de boodschappen torenhoog optastten op supermarktkarretjes. ,,Twee pakken mini-tompoucen? Neem ze alle zeven maar mee.’’ We regen eindeloos stokjes saté, bakten hartige taarten, maakten een teil pindasaus, veegden de tuin aan en voegden intussen de laatste badkamertegels. Tegen het moment dat de gasten zouden komen, zat ik tegen een zenuwinzinking aan, terwijl J. fluitend lampionlampjes ophing aan de pergola. In plaats van me eraan te herinneren dat het toch allemaal míjn idee was geweest, begon hij weer eens op zijn onvermoeibare wijze aan een peptalk, toen de bel ging en de eerste gast voor de deur stond.
Het werd uiteindelijk een gedenkwaardige dag, met het weerzien van vele oude bekenden en de kennismaking met nieuwe buren, oohs en aahs in de badkamer en even goedkeurende geluiden bij de overladen eettafel.
Maar als ik 50 word, doe ik twee dingen anders: dan laat ik mijn buurmeisje met haar vriendinnen tegen betaling als serveerster optreden, onder aanvoering van een kordate overblijfmoeder. Én ik laat iedereen van tevoren aangeven of ze blijven eten, om te voorkomen dat we nog weken hartige taart en pastasalade moeten eten. Nog steeds grapt mijn zwager bij elk feestje of wij misschien satésaus mee kunnen nemen, ‘want jullie hebben vast nog wel wat in de vriezer…’ 
Eén van de bovenmaatse schalen was echter wel helemaal leeg: daarin zat een salade van kidneybonen, geïnspireerd op een recept uit ‘Feest’van Nigella Lawson. In haar boek is het een dip, bereid in de door haar zo geliefde foodprocessor, maar als je de bonen heel laat, krijg je een verrassend lekker buffetgerecht:  fris door het limoensap, kruidig en exotisch door koriander, komijn en kaneel.

 

Buffetgerecht voor 10+ personen:

3 blikken kidneybonen
3 limoenen
2 uien, gesnipperd
5 tenen knoflook , fijngehakt
2 à 3 el olijfolie
1 blikje tomatenpuree
1,5 theelepel gemalen koriander
1,5 theelepel gemalen komijn (djintjen)
Driekwart theelepel kaneel
Verse koriander om te garneren

Schrob de limoenen schoon en rasp de groene schil, pers ze daarna uit. Fruit de ui en knoflook zachtjes in de olijfolie, tot de ui glazig is. Laat twee blikjes bonen uitlekken in een vergiet, voeg die toe en doe dan het derde blik met vocht en al in de pan. Voeg de tomatenpuree toe en laat alles even meebakken. Doe dan de kruiden erbij, vervolgens het limoensap en het limoenrasp.

Je kunt er ook voor kiezen het limoenrasp te gebruiken om te garneren, het gifgroen combineert prachtig met het donkerrood van de bonen. Ik vind het zelf lekker om te garneren met verse koriander, dus ik roer het rasp erdoorheen. Laat afkoelen, serveer op kamertemperatuur.

Carmela's geheim

Pastasalade met balsamicodressing

Pas weer eens een paar afleveringen van The Sopranos bekeken. Een geweldige serie, helemaal als je van eten houdt. 'In elke scène wordt gegeten,' las ik eens in een recensie. En dat is misschien niet helemaal waar, maar bijna wel. Tony eet de koude pasta zo uit de koelkast, net als de Italiaanse worst - de beroemde capocollo-scène - in de achterkamer van Satriale's meatmarket zitten de maffiosi pizza's of spaghetti te schransen, studente Meadow valt in haar studentenkamer meteen aan op de door Carmela meegebrachte ziti. Carmela is mijn absolute favoriet. Ze koppelt de plastic glimlach van de Amerikaanse huisvrouw aan het temperament van de Italiaanse mama. En ze besteedt een belangrijk deel van haar leven in haar even grote als wanstaltige keuken, ingericht met zachtroze meubelen en kunstbloemen. Daar staat ze dan zelf lasagnevellen te maken, lemon snaps voor de kerk-fancyfair of ricottataart waarmee ze met het grootste gemak schooldirecteuren of politici omkoopt. En ze hecht erg aan sunday night diner met het hele gezin, waar haar man Tony helaas maar al te vaak bij wegloopt om de rest van de avond in de louche Bada Bing of met een van zijn bijvrouwen te slijten. Haar ouders komen wel vaak eten. In de laatste aflevering die ik zag, vroeg haar moeder wat ze toch door de pasta had gedaan, wat zo lekker was. ,,Balsamic,'' antwoordde Carmela afgemeten, want Tony was er net weer vandoor. Waarop haar vader met zijn ogen rolde: ,,Balsamic, alles moet tegenwoordig met balsamic. Mijn moeder had nog nooit van balsamic gehoord.''

Maar een balsamicodressing is wel degelijk lekker door een pastasalade. Ik maak de onderstaande vaak voor het vrijdagavondbuffet op mijn werk en krijg ook vaak de vraag wat het gerecht nou die lekkere smaak geeft. Balsamico dus, en een beetje honing en mosterd. Ik gebruik balsamico-siroop (crema) van het merk Antichi Colli. Die is iets dikker en zoeter dan azijn. Gebruik in elk geval siroop of azijn van goede kwaliteit, dat verschil proef je écht.

Het recept komt uit de Pastabijbel van Jeni Wright. Ik heb de hoeveelheden wel iets aangepast:

Voor 4 personen (of als onderdeel van een buffet voor 10+ personen)
200 gram gedroogde conchiglie (of andere schelpvormige pasta).
200 gram tonijn in olijfolie uit blik (mag ook iets meer zijn, ik doe vaak 2 blikjes)
200 gram zoete mais uit blik
100 gram geroosterde paprika uit een pot afgespoeld, gedroogd en fijngehakt
1 handvol verse basilicumblaadjes, fijngehakt
zout en gemalen zwarte peper

Voor de dressing:

5 el. extra vergine olijfolie
2 el. balsamicosiroop of -azijn
1 tl. rodewijnazijn (mag ook wittewijnazijn zijn)
1 handvol verse basilicumblaadjes, fijngehakt, en nog wat blaadjes om te garneren
1 t. dijonmosterd
1-2 tl honing, naar smaak

Kook de pasta volgens de bereidingswijze op de verpakking. Giet hem af en spoel af onder koud stromend water. Laat de pasta in een vergiet uitlekken tot hij koud en droog is.

Maak de dressing. Doe de olie in een grote kom, voeg de twee soorten azijn toe en meng alles goed door elkaar. Voeg mosterd, honing en zout en peper naar smaak toe en klop tot de saus dik is.

Doe de pasta bij de dressing en meng alles goed. Voeg tonijn, mais en paprika toe en meng opnieuw. Roer het gehakte basilicum erdoorheen en eventueel meer zout en peper. Garneer met de basilicumblaadjes. Dien de salade op kamertemperatuur op.

Tip: als je de salade later wilt opdienen, houd dan de dressing apart en meng deze erdoorheen als je aan tafel gaat of als het buffet wordt geopend. Garneer ook dan pas met de basilicumblaadjes.